Kort antwoord
Brandlucht wordt veroorzaakt door microscopisch kleine roet- en rookdeeltjes die zijn getrokken in poreuze materialen: stucwerk, hout, textiel, isolatie en ventilatiekanalen. Zolang die deeltjes er zitten, komt de geur telkens terug zodra het warmer of vochtiger wordt. Ventileren, azijn, koffiedik en geurkaarsen maskeren de lucht maar verwijderen hem niet. De enige duurzame aanpak is de bron reinigen, inclusief kanalen en textiel, en daarna ontgeuren.
Waarom de geur telkens terugkomt
Bij een brand ontstaan deeltjes die vele malen kleiner zijn dan wat u ziet liggen. Ze zijn licht, ze verplaatsen zich met de luchtstroom door het hele pand en ze zijn hygroscopisch: ze trekken vocht aan. Waar ze neerslaan, dringen ze in het materiaal. In gladde, dichte materialen blijven ze aan de oppervlakte. In poreuze materialen verdwijnen ze naar binnen, en daar zijn ze met schoonmaken niet meer te bereiken.
Dat verklaart het patroon dat vrijwel iedereen na een brand herkent. De eerste dagen na goed ventileren lijkt de lucht weg. Zodra de verwarming aangaat, de zon op een muur staat of het vochtig wordt, komt de geur terug. Warmte en vocht maken de vastgelegde deeltjes weer vluchtig. De geur was nooit weg, hij was alleen even stil.
Waar de geur zich verstopt
- Textiel: gordijnen, tapijt, matrassen, bank, kleding in de kast. Dit is bijna altijd de sterkste geurbron.
- Poreuze afwerking: stucwerk, gipsplaat, onbehandeld hout, voegen, beton.
- Onder de afwerking: ondervloer, isolatie, spouw, kruipruimte en de ruimte boven het plafond.
- Ventilatie: kanalen, roosters, filters en de mechanische afzuiging. Een vervuild kanaal blaast de geur na elke reiniging terug de kamer in.
- Gesloten ruimtes: kasten, laden, boeken, papier, apparatuur met ventilatieopeningen.
Wat huismiddelen werkelijk doen
| Middel | Wat het doet | Oordeel |
|---|---|---|
| Ventileren | Voert de vluchtige geurstoffen uit de lucht af | Zinvol en noodzakelijk, maar raakt de deeltjes in materialen niet |
| Bakjes azijn of koffiedik | Bindt een klein deel van de geurstoffen in de lucht | Merkbaar in een kleine ruimte, kansloos bij echte rookschade |
| Geurkaarsen en luchtverfrissers | Legt een geur over de brandlucht heen | Maskeren. De brandlucht komt onveranderd terug |
| Allesreiniger en water op roetplekken | Lost roet deels op en verspreidt het over de ondergrond | Vaak schadelijk: roet smeert uit en trekt dieper in de ondergrond |
| Luchtreiniger met koolstoffilter | Haalt geurstoffen uit de lucht zolang hij draait | Nuttig tijdens het werk, geen oplossing van de bron |
| Ozonbehandeling | Oxideert geurmoleculen, ook in materiaal | Effectief, maar alleen na bronreiniging en alleen in een onbewoonde ruimte |
Ozon is geen luchtverfrisser maar een oxidator, en is schadelijk om in te ademen. Een ozonbehandeling gebeurt daarom in een leeg pand, met een nabehandeling en een wachttijd voordat er weer mensen, dieren en planten in mogen. Voor gevoelige inboedel bestaat verneveling van een geurbindend middel als alternatief, waarbij het middel in dezelfde route trekt als de rook destijds.
Hoe lang blijft brandlucht hangen?
Zonder aanpak van de bron: maanden, en bij een grotere brand langer dan een jaar. Met alleen ventileren en oppervlakkig schoonmaken verdwijnt de geur tijdelijk en komt hij terug bij elke warme of vochtige dag. Wordt de bron wel aangepakt, dus reiniging van oppervlakken, textiel en kanalen gevolgd door een geurbehandeling, dan is het pand doorgaans binnen enkele dagen tot een paar weken geurvrij, afhankelijk van de omvang van de brand en hoeveel poreus materiaal er is.
De belangrijkste variabele is niet de grootte van het vuur maar hoe lang de rook de tijd heeft gehad om in te trekken. Een kleine keukenbrand in een gesloten woning die twee weken dicht heeft gestaan, geeft meer geurwerk dan een grotere brand waarbij binnen een dag is begonnen met reinigen.
Gezondheid: waarom u roet niet zelf moet opzuigen
In de rook van een brand zitten roetdeeltjes. Als u een grote hoeveelheid roet binnenkrijgt, dan kan dat op lange termijn schadelijk zijn. Sommige stoffen in roet zijn kankerverwekkend.
De GGD adviseert om roet binnenshuis door een schoonmaakbedrijf te laten opruimen en om geen gewone stofzuiger te gebruiken: die blaast de fijnste deeltjes juist de ruimte weer in. Wie zelf iets doet, neemt oppervlakken af met een vochtige doek en draagt handschoenen. Bij oudere panden geldt daarnaast dat na een brand asbestvezels kunnen zijn vrijgekomen, wat een eigen aanpak vraagt.
Hoe wij het aanpakken
Vaststellen hoe ver de rook is gekomen
We lopen het pand na op rookdoorslag, ook in ruimtes zonder zichtbare schade, en controleren kanalen, kasten en kruipruimte. Zo weten we welke ruimtes meedoen en welke niet.
Bronreiniging
Droge roetverwijdering waar dat kan, gevolgd door reiniging die past bij de ondergrond. Textiel gaat mee voor reiniging of wordt afgevoerd als het niet te redden is. Ventilatiekanalen en roosters worden gereinigd, anders blijft het pand zichzelf opnieuw vervuilen.
Selectief verwijderen
Wat de geur vasthoudt en niet te reinigen is, halen we eruit: aangetast plaatmateriaal, doordrenkte isolatie, vloerbedekking. Dat is precies waar de grens ligt met bouwkundig herstel: wij halen weg, de aannemer bouwt terug.
Ontgeuren
Pas als de bron weg is volgt de geurbehandeling, afgestemd op het pand en de inboedel. Daarna controleren we of de geur ook na opwarming wegblijft.
Vastleggen
Wat is aangetroffen, wat is gereinigd, wat is verwijderd en met welke resultaten. Dat rapport onderbouwt uw dossier bij de verzekeraar.
Bronnen
- Rook- en roetoverlast bij brand, gezondheidsadviesGGD Leefomgeving
- Rook, roet en gezondheidGGD Amsterdam